Zo werkt de calculator
Voor een natuurlijke zwangerschap gaat de calculator uit van echte geboorten. Volgens het CBS ging het in Nederland in 2025 bij 2.490 van de 164.410 bevallingen om een tweeling: 15,1 op elke 1.000, ongeveer 1 op 65. In 2024 was dat 14,9. In Vlaanderen ging het in 2024 volgens het Studiecentrum voor Perinatale Epidemiologie (SPE) om 888 tweelingzwangerschappen op 59.643 bevallingen, ongeveer 14,9 per 1.000. Dat ligt zo dicht bij het Nederlandse cijfer dat de calculator ook voor Vlaanderen van de Nederlandse cijfers uitgaat.
Het CBS publiceert geen tabel per leeftijd. Daarom verdeelt de calculator het Nederlandse totaal over de leeftijdsgroepen zoals in Engeland en Wales, waar het Britse statistiekbureau ONS de tweelingen wel per leeftijd van de moeder telt.
Daarna splitst hij dat cijfer in tweeën. Eeneiige tweelingen komen overal en op elke leeftijd ongeveer even vaak voor, bij ongeveer 4 op de 1.000 geboorten, of ongeveer 1 op 250 volgens de NHS, de Britse gezondheidsdienst. Alles daarboven zijn twee-eiige tweelingen, en dat deel verandert met leeftijd en familiegeschiedenis.
Vink je aan dat er twee-eiige tweelingen in de familie zitten van de ouder die ovuleert, of dat jullie al eens een tweeling kregen, dan verdubbelt de calculator het twee-eiige deel. Geldt allebei, dan verdubbelt hij het niet twee keer, want beide wijzen op dezelfde neiging.
Eeneiige en twee-eiige tweelingen
Een eeneiige tweeling ontstaat uit één bevruchte eicel die zich in tweeën splitst. De kinderen hebben dezelfde genen en zijn altijd van hetzelfde geslacht. Waarom een eicel zich splitst, is niet goed bekend, en het lijkt vooral toeval te zijn.
Een twee-eiige tweeling, ook wel een niet-identieke tweeling genoemd, ontstaat uit twee eicellen die in dezelfde cyclus vrijkomen en elk apart bevrucht worden. De kinderen lijken niet meer op elkaar dan andere broers en zussen, en het kunnen een jongen en een meisje zijn. Volgens de NHS is ongeveer een op de drie tweelingen eeneiig en twee op de drie twee-eiig.
Waarom leeftijd meetelt
Dat er in één cyclus twee eicellen vrijkomen, gebeurt vaker naarmate mensen ouder worden, tot eind dertig. Hoe sterk de kans stijgt, is te zien in de cijfers uit Engeland en Wales, waarop de calculator zijn verdeling baseert. In 2025 ging het daar onder de 20 bij 6,8 op de 1.000 bevallingen om een tweeling, tussen 25 en 29 jaar bij 12,2, tussen 30 en 34 bij 14,7, tussen 35 en 39 bij 17,0 en tussen 40 en 44 bij 17,5. Een overzicht van het onderzoek naar twee-eiige tweelingen beschrijft een verviervoudiging tussen 15 en 35 jaar.
Deze landelijke cijfers tellen ook zwangerschappen na een vruchtbaarheidsbehandeling mee, en die komen na 35 jaar vaker voor. Voor een natuurlijke zwangerschap tussen 35 en 44 jaar ligt het cijfer van de calculator dus misschien iets te hoog. Vanaf 45 jaar volgen de meeste tweelinggeboorten op eiceldonatie of IVF, dus geeft de calculator dan geen schatting voor een natuurlijke zwangerschap.
Een tweeling in de familie
De neiging om meer dan één eicel vrij te geven kan erfelijk zijn, en dan telt de familie van de ouder die ovuleert. In een groot Australisch tweelingregister hadden zussen van moeders van een twee-eiige tweeling 1,7 keer de gewone kans, en dochters van vrouwen die zelf een twee-eiige tweeling zijn 2,5 keer. Ouder onderzoek vond ongeveer een dubbele kans voor moeders en dochters. Een tweeling in de familie van de partner verandert de kans voor deze zwangerschap niet.
Ook wie al een twee-eiige tweeling kreeg, maakt meer kans: in een Zweeds onderzoek was de kans op opnieuw een tweeling bij een latere bevalling twee tot drie keer zo groot. Een eeneiige tweeling zit meestal niet in de familie. Onze gids over tweelingen in de familie gaat er dieper op in.
Een tweeling na een vruchtbaarheidsbehandeling
Een vruchtbaarheidsbehandeling verandert het beeld zo sterk dat de calculator er eigen cijfers voor toont, in plaats van de natuurlijke aan te passen:
- IVF met één embryo: in Britse klinieken is ongeveer 1 tot 3% van de geboorten een tweeling. Een tweeling ontstaat alleen als het embryo zich splitst.
- IVF met twee embryo's: in Britse klinieken was bij patiënten onder de 35 meer dan 30% van de geboorten een tweeling, en dat daalde met de leeftijd tot minder dan 15% boven de 44.
- Inseminatie (IUI): in Europa was ongeveer 8% van de geboorten met zaad van de partner een tweeling, en ongeveer 6% met donorzaad.
- Tabletten die de eisprong stimuleren, zoals clomifeen of letrozol: in twee grote onderzoeken was 3% tot 13% van de zwangerschappen een tweeling.
- Injecties die de eisprong stimuleren (gonadotrofines): in een groot onderzoek was 32% van de zwangerschappen een tweeling of drieling.
Jullie kliniek kent jullie eigen behandeling en kan jullie een preciezer cijfer geven.
Waar de calculator geen rekening mee houdt
Sommige onderzoeken koppelen een grotere lichaamslengte, een hogere BMI of het hebben van meerdere kinderen aan een iets grotere kans op een twee-eiige tweeling, maar die verbanden zijn klein of niet eenduidig, dus de calculator gebruikt ze niet. Voeding, supplementen en het moment van de conceptie hebben geen bewezen effect. Het land waar je woont speelt een kleine rol: in West-Europa liggen de tweelingcijfers dicht bij elkaar, tussen ongeveer 14 en 16 per 1.000 bevallingen.
Als jullie een tweeling verwachten
Een tweeling is meestal te zien bij de eerste echo, rond 12 weken, en daar zie je ook of de baby's een placenta (moederkoek) delen. Een tweelingzwangerschap vraagt extra zorg, omdat tweelingen vaker te vroeg en met een laag gewicht geboren worden. Je verloskundige of arts legt uit wat dat voor jou betekent. De calculator voor de uitgerekende datum blijft een goed startpunt, al komt een tweeling vaak voor de uitgerekende datum.
En zijn jullie gewoon benieuwd naar twee kleine gezichtjes van jullie, dan maakt de tweelinggenerator van een foto van elk van jullie een beeld van twee mogelijke kinderen, gewoon voor de lol.